opleiding.nl
0 opleidingen

Italiaans


Na een cursus Italiaans bestel je niet alleen koffie, maar volg je het gesprek aan tafel en lees je de krant in Toscane. De uitspraak leer je snel, dubbele medeklinkers en klemtoon kosten oefening.

Voor je aan Italiaans begint

Over de inhoud, de moeilijkheid, de doorlooptijd, de kosten en de examens.

Wat leer je in een cursus Italiaans?

Je leert de uitspraak met dubbele medeklinkers en klemtoon, alledaagse gesprekken over eten, wonen en reizen, en de werkwoordstijden passato prossimo en imperfetto. Op B1 komen de congiuntivo en langere teksten erbij, vaak gekoppeld aan koken, opera of kunstgeschiedenis.

Is Italiaans moeilijk voor Nederlanders?

De start is makkelijk, omdat je uitspreekt wat er staat. Lastig zijn de dubbele medeklinkers, de klemtoon en later de congiuntivo. Wie Frans of Spaans kent, herkent veel woorden. Zonder die basis kost de weg van A1 naar A2 gemiddeld twee cursusblokken.

Hoe lang duurt een cursus Italiaans?

Een niveaustap beslaat tien tot vijftien bijeenkomsten van twee uur. Veel opleiders bieden Italiaans aan in blokken van een half jaar, met een pauze in de zomer. Intensieve weken en taalreizen persen dezelfde stof in een kortere periode.

  1. Italiaans leren: uitspraak, werkwoorden en gesprek

    Italiaans spreek je uit zoals het geschreven staat, met één addertje: dubbele medeklinkers veranderen de betekenis, want nonno is grootvader en nono negende, en de klemtoon doet hetzelfde werk. Daarna bouw je gesprekken op rond eten, reizen, wonen en werk. De grammatica draait om passato prossimo tegenover imperfetto en later om de congiuntivo. Cursussen koppelen de taal vaak aan cultuur: koken, opera, kunstgeschiedenis of film. Op B1 lees je artikelen en bel je zelf met de aannemer.

  2. Instappen bij Italiaans zonder voorkennis of juist met

    Vrijwel iedereen begint bij Italiaans op A1 zonder voorkennis, want de taal staat niet op het lesrooster van de middelbare school, en dat maakt de beginnersgroepen groot en gemengd van samenstelling. Je zit er naast mensen met een huis in Le Marche, met Italiaanse schoonfamilie of met een baan in mode, design of machine-import. Kennis van Frans of Spaans versnelt de eerste maanden merkbaar. Zoek je een taal voor breed internationaal zakendoen, dan is dit niet de logische keuze.

  3. Wat je met Italiaans doet in Toscane en op kantoor

    Italiaans leidt zelden tot een baan op zichzelf, maar helpt in sectoren waar Italië toonaangevend is: mode, design, meubel- en machinebouw, voedingsmiddelen en de wereld van kunst en erfgoed. Wie een huis koopt of verbouwt, regelt met B1 zelf de notaris, de aannemer en de gemeente. Certificaten haal je bij CILS van de universiteit van Siena, CELI van Perugia of PLIDA van de Dante Alighieri. Voor studie in Italië vragen universiteiten meestal B2. Voor familiebezoek is A2 al genoeg.

  4. Italiaans vergeleken met Spaans en Frans

    Italiaans en Spaans delen veel woordenschat, maar het Italiaanse aanbod is kleiner en vaker cultureel getint. Spaanse cursussen richten zich duidelijker op werk, emigratie en handel. Frans kost meer moeite bij het luisteren, Italiaans bij de fijne uitspraakdetails. Italiaans hoort bij de talen die je vooral in de avond en online vindt, met minder keuze per plaats. Het aanbod stopt hier meestal bij B2. Zoek je Grieks of Kroatisch, kijk dan bij de kleinere talen.

  5. Leer Italiaans op jouw manier

    Niet iedereen leert op dezelfde manier. Daarom kun je kiezen voor een klassikale cursus of online cursus Italiaans.