Spaans in Spanje of Latijns-Amerika
Over varianten, voorkennis, doorlooptijd, kosten en het DELE-diploma.
Wat is het verschil tussen Spaans uit Spanje en Latijns-Amerika?
De grammatica is vrijwel gelijk. Het verschil zit in uitspraak, aanspreekvormen en woordenschat. Spanje gebruikt vosotros voor jullie, Latijns-Amerika ustedes. De c en de z klinken in Spanje als een th. Wie de ene variant leert, wordt in de andere gewoon verstaan.
Moet ik voorkennis hebben voor een cursus Spaans?
Nee, A1-groepen starten bij nul en dat is het gebruikelijke instapmoment. Heb je Frans of Italiaans in je bagage, dan herken je veel woorden en werkwoordsvormen. Een instaptoets bij de opleider bepaalt of je hoger kunt instappen.
Hoe lang duurt een cursus Spaans?
Een niveaustap kost tien tot vijftien avonden. Spaans gaat aan het begin snel, omdat de uitspraak de spelling volgt, en vertraagt rond B1 bij de subjuntivo. Van nul tot een vlot vakantiegesprek ben je ongeveer een jaar onderweg.
De inhoud van een cursus Spaans, van ser tot subjuntivo
Een cursus Spaans behandelt naast woordenschat en gesprek twee struikelblokken die Nederlandstaligen altijd tegenkomen: het onderscheid tussen ser en estar, en de keuze tussen indefinido en imperfecto in de verleden tijd. Op B1 komt de subjuntivo erbij, de wijs voor wensen, twijfel en emotie. Je oefent de rollende r en het spreektempo. Docenten geven aan welke variant ze aanhouden, want vosotros hoor je in Spanje en ustedes in Latijns-Amerika. Zakelijke cursussen voegen mailconventies en telefoongesprekken toe.
Herken je jezelf in deze drie Spaans-cursisten?
Cursisten Spaans komen meestal uit drie hoeken: reizigers die verder willen dan bestellen, mensen met familie of een huis in Spanje, en werkenden die met Latijns-Amerikaanse leveranciers of klanten schakelen. Voorkennis hoef je niet te hebben, want A1-groepen starten bij nul. Wie Frans of Italiaans kent, gaat merkbaar sneller door de werkwoorden. Wil je een certificaat voor studie of werk in Spanje, dan volg je een traject richting DELE en geen conversatiecursus. Voor alleen vakantie zijn tien avonden genoeg.
Waar je Spaans terugziet: reizen, handel en emigratie
Spaans is na Engels de taal met het grootste bereik op reis en in handel, van Spanje en de Canarische Eilanden tot vrijwel heel Latijns-Amerika, met Brazilië als grote uitzondering. In werk zie je het bij import, toerisme, transport en bij organisaties met een vestiging in Madrid of Mexico-Stad. Het DELE-diploma van het Instituto Cervantes verloopt niet, terwijl SIELE een score per vaardigheid geeft en vijf jaar geldig blijft. Bij een verhuizing merk je vanaf A2 verschil bij huisarts en buren.
Spaans leren terwijl je twijfelt tussen Frans en Italiaans
Spaans start makkelijker dan Frans, omdat je uitspreekt wat er staat. Rond B1 loop je tegen dezelfde werkwoordswijzen aan die ook het Frans lastig maken. Italiaans lijkt er sterk op en kiezen mensen vaker voor cultuur en vakantie dan voor werk. Portugees begrijp je half als je Spaans kent, tot de nasale klanken beginnen. Na Engels heeft Spaans het breedste aanbod, dus je vindt vrijwel overal een avondgroep.
Zakelijk Spaans
Zakelijk Spaans richt zich op professionele woordenschat, telefoongesprekken, afspraken en formele correspondentie.
Online cursus Spaans
Virtual classroom en e-learning opties maken het mogelijk flexibel en in eigen tempo te studeren.